januari 29, 2008

Hanoi & Halong

Rubriek: Vietnam — Marije @ 7:12 am

We waren een beetje zenuwachtig om naar Hanoi te gaan. Iedereen die we vroegen hoe het daar was geweest, gaf hetzelfde antwoord: “Ze proberen je aan alle kanten op te lichten!” Maar gelukkig kwamen we zonder kleerscheuren in ons hotel aan, dat we toch maar van te voren geboekt hadden vanwege alle verhalen. Een aantal beruchte praktijken: Taxichauffeurs vertellen je dat het hotel waar jij naar toe wilt vol geboekt is en brengen je ondanks je protesten naar een ander hotel waar zij commissie van krijgen. Of ze brengen je naar een hotel met dezelfde naam, maar met een totaal ander adres. De meeste hotels, reisbureaus en restaurants met een goede naam worden hier gekopieerd: bijna of helemaal dezelfde naam, bijna dezelfde visitekaartjes, hetzelfde uithangbord en ga zo maar door. Soms best lastig om de juiste te vinden en ook nogal lachwekkend. Zo zit er het Sinh Café (een bekend reisbureau in Vietnam), maar ook nog zo’n 30 kopieën, althans volgens onze telling. Het mooie is dat er soms drie op een rij zitten…. Dit werd me nog eens duidelijk, toen ik min of meer verdwaald was in het centrum (heel erg verdwaald, dus). Het was best lastig om me te oriënteren op punten die op elke hoek van de straat hetzelfde leken te zijn. Maar na drie uur rondlopen en een tas, tijdschrift, een cappuccino en een muffin later (ja, was erg vervelend) eindelijk weer een bekend punt gevonden en kon Lernard me niet veel later weer in zijn armen sluiten (hij had me nog niet gemist).

Het hengsel en de twee knopen van mijn nieuwe tas lagen er de volgende dag al vanaf. Volgens een jongen die naast me kwam zitten in het park, toen Lernard even een boodschapje aan het halen was, kwam het vast doordat het door Chinezen gemaakt was. Met Vietnamese tassen zou dit namelijk noooit gebeuren. Kien, van 14, kwam gezellig naast me zitten om zijn Engels te oefenen en over zijn familie te klagen (allemaal jongere neefjes en nichtjes die heel irritant waren en een oma waarvan hij allemaal klusjes moest doen) en gaf allerlei tips waar we vooral niet in moesten trappen. Erg schattig en handig!

We waren nogal van de tellingen in Hanoi en hebben voor de grap maar eens geteld hoe vaak er op een dag gevraagd werd of we een motortaxi of fietstaxi willen hebben: we zijn bij de 83 keer de tel kwijt geraakt…..

Ook viel ons op dat ze in het noorden van Vietnam vriendelijke claxons hebben, die gaan in plaats van TOOEET!!, PEPperdepepperdepep. “Wilt u alstublieft aan de kant gaan als het u uitkomt?” In plaats van: “Aan de kant!!!”

Van Hanoi naar de Halong Baai vertrokken. De meest toeristische plaats van Vietnam en dat is niet te veel gezegd… De haven lag vol met tientallen toeristenboten en het was dringen om door de toegangspoortjes van de haven te komen. We hadden gekozen voor de deluxe cruise (klinkt goed, he). De boot was best deluxe en de mensen erop ook. Zoals een stel uit Ierland dat een maand lang Vietnam en Cambodja door reisde en daarbij uitsluitend in 5-sterren hotels overnachtte. Onder andere het Raffles hotel in Pnohm Penh; een van de chiqueste hotels ter wereld! De aangeraden restaurants door hen zijn we maar niet aan begonnen….

’s Avonds na het diner gevlucht naar het bovendek voor de karaoke (ja, 1 keer was genoeg) en samen met wat anderen naar “de stad op zee” gekeken (alle boten die om ons heen voor anker lagen met hun lichten aan) onder het genot van een lekker drankje. Het was trouwens streng verboden om drank bij de bootjes te kopen die nu en dan aan de boot hingen om hun waren aan te bieden. 1$ boete voor een blikje bier en 5$ voor een fles wijn. Maar aangezien het aan boord vier keer zo duur was als normaal konden een aantal mensen het toch niet weerstaan en werden we getrakteerd op illegaal bier, dat we heel voorzichtig opgedronken hebben.

De tweede dag zijn we samen met twee gidsen op zee gaan kajakken tussen de bizarre rots-eilanden door. Super! Geen boot of andere mensen te bekennen. Verlaten grotten en eilandjes bezocht. Grote kwallen gezien en door spannende stromingen gepeddeld. En onze eerste gevaarlijke dier gezien, een slang! Het was een kleintje, maar toch!
Bij vertrek van een van de eilandjes waren we onze gidsen kwijt. Ik vond ze knus tegen elkaar aanliggend op zo’n manier waar je in Nederland wat ongemakkelijk van zou worden als iemand je betrapte. Maar zij stonden zonder schroom op om met ons mee te gaan en alleen ik was degene die ongemakkelijk werd. De mannen in de landen waar we in Azie geweest zijn, gaan vriendschappelijk ietwat knusser met elkaar om dan we gewend zijn…

Aangezien we met vier anderen de enigen waren die twee nachten op de boot bleven, werden we voor het diner met zijn zessen aan een tafel gepland, weg van de 1-nacht mensen. Taaie tafel! Maar een goede reden om na het eten naar onze hut te glippen en wederom de karaoke te ontvluchten.

’s Nachts werd ik wakker door allerlei geluiden en stromend water, waardoor ik slaapdronken dacht dat de boot aan het zinken was. “Lernard, Lernard, wordt wakker, waar is de reddingsboot? Ik weet niet waar de reddingsboot is!” De volgende ochtend waren we nog steeds droog, dus wat het was is onduidelijk, maar we hebben in ieder geval geen schipbreuk geleden.

Na weer twee dagen in Hanoi hebben we de nachttrein naar Sapa genomen, een plaatsje in het uiterste noorden, maar dit verhaal volgt later…..hooeee cliffhanger! (L&M)

januari 19, 2008

Van Hue tot Ninh Binh

Rubriek: Vietnam — Marije @ 3:25 pm

In Hue hebben we de omgeving verkend per fiets. Met een fiets zonder versnellingen en met een mandje voorop door het platteland over een “cross-country” weg gereden. Vooral erg goed voor de beenspieren! En daarna door de binnenstad, wat af en toe weer goed was voor een adrenalinekick, aangezien we ons af en toe voor alle motoren moesten storten om af te slaan. We zijn op zoek gegaan naar de befaamde specialiteit van Hue: de “Royal Ricecake”, overal gezocht naar een cake van rijst, maar niet gevonden. Bleek later dat we het al hadden gegeten; een gevulde rice-pancake, oftewel een ricecake… Was wel lekker trouwens.

Rondom Hue hebben we vooral tijd aan de Amerikaanse oorlog besteed. We zijn naar het DMZ gebied (=demilitarised zone) geweest, waar per vierkante kilometer ongeveer 450 kg bommen zijn gevallen. In eerste instantie leek er weinig te zien, maar na erop te zijn gewezen, waren er nog allemaal bomkraters te zien en viel het op dat er overal alleen jonge boompjes groeiden. Dit laatste ten gevolge van het ontbladeringsmiddel “Agent Orange”, wat ervoor zorgde dat een groot deel van de bossen in dit gebied geheel verdwenen waren. Ook verandert “Agent Orange” het DNA, wat duidelijk overal op straat te zien is: Veel gehandicapte jonge mensen die erg op de “Softenon”-kinderen lijken. Onder andere misvormde ledematen, missende ledematen, etc. Sommige boerengezinnen die in deze gebieden zijn terug gekomen, hebben zelfs tot vijf gehandicapte kinderen. Door gebrek aan scholing hebben ze geen idee waardoor de handicaps van hun kinderen zijn ontstaan en hopen ze bij elke volgende zwangerschap op een gezond kind…
Verder hebben we de Khe Sahn Combat Base gezien, waar de zwaarste gevechten van de oorlog hebben plaats gevonden. Hier was het communisme erg duidelijk aanwezig. “Held kameraad …. versloeg de doodsbange Amerikaan…” Maar het is waarschijnlijk ook lastig om een oorlog van twee kanten te belichten als je zelf die oorlog hebt meegemaakt. Vervolgens zijn we in de Vinh Moc tunnels geweest. Ontzettend indrukwekkend; een gangenstelsel van ongeveer drie kilometer waar een heel dorp vijf jaar gewoond heeft om de oorlog te ontvluchten. Er was zelfs een verloskamer waar 17 kinderen geboren zijn! Erg moeilijk voor te stellen als je zag hoe krap alles was.

Hierna met de trein in elf uur naar Ninh Binh gereisd. Helaas zaten we precies in de stoelen waarbij je de mensen tegenover je elf uur zit aan te staren. Maar natuurlijk te vroeg gesipt, want het was eigenlijk heel grappig. Steeds weer nieuwe mensen tegenover ons. Praatjes, hapjes en zelfs een visitekaartje gekregen. We hebben vakantiefoto’s gekeken van een gepensioneerd Vietnamees stel dat net terugkwam van vakantie in Laos. En bovendien is er genoeg te zien in en buiten de trein en niet te vergeten te horen. We hebben al een aantal keer in de trein dezelfde muziek-DVD gezien en voornamelijk gehoord, deze knalt namelijk uit de boxen. De melodie van een van de nummers, gezongen door (volgens Lernard) de Vietnamese Ruth Jacott, is bijna niet uit ons hoofd te krijgen. Soms werd de muziek van de trein nog overstemd door een paar muziekjes die een aantal jonge Vietnamesen over elkaar afspeelden op hun mobiel. Heel rustgevend…Verder is het erg grappig om de mensen te bestuderen die in alle standen liggen te slapen; bijvoorbeeld benen tegen het raam en het lichaam op de bank of in foetushouding op een bankje.
Onderweg viel het ons al op dat de mensen steeds warmer gekleed de trein binnen kwamen. Op het laatst zelfs met winterjas, muts en handschoenen. Bij het uitstappen bleek het inderdaad veel kouder te zijn. Die muts en handschoenen waren misschien wat overdreven, maar op onze slippers (Marije) en in korte broek (Lernard) was het toch wat fris…

Met Ninh Binh als thuisbasis hebben we twee dagen de omgeving achterop de motor verkend. De eerste dag zijn we onder andere in de Tam Coc grotten geweest en langs allerlei afgelegen pagodes gereden. Waar we ons zo’n beetje alleen op de wereld voelden, omdat er niemand te bekennen was. Bij een tempel was er een monnik om ons rond te leiden, wat hij ook vol overgave deed. Hij pakte mijn hand en leidde mij en Lernard door de tempel om ons van alles te vertellen in het Frans/ Vietnamees. We verstonden er niks van, maar het was wel erg grappig. Bij het vertrek trok hij mijn capuchon nog eens even goed aan, want het zou koud worden op de motor.
Aan het einde van de dag zijn we naar een katholieke kerk geweest; deze zag eruit als een combinatie van een katholieke kerk en een pagode, erg apart. Toen we terugkwamen bij de chauffeurs was een van hen spoorloos verdwenen. Na drie kwartier te hebben gewacht, besloot de andere chauffeur maar om hem te gaan zoeken. Hij kwam met hem terug uit een cafe en hij had een flinke drankwalm om hem heen. Erg veilig idee, zeker aangezien doodsoorzaak nummer 1 hier verkeersongevallen is met als oorzaak alcohol…. Maar veilig teruggekomen!
De volgende dag hebben we 130 km gereden door het platteland en de jungle (trouwens zonder drankzuchtige chauffeur). Een zeer gave rit. Op het platteland was er duidelijk meer armoede. Overal mensen op blote voeten in het water van de rijstvelden aan het werk ( bij 10 graden Celsius), oude, half ingestorte huizen en veel mensen in kapotte, vieze kleding op blote voeten. Even de andere kant van Vietnam gezien… (L&M)

januari 11, 2008

Kitsch, Kust en Karaoke

Rubriek: Vietnam — Marije @ 5:11 am

Het eerste deel van ons Vietnam verhaal is helaas verloren gegaan….., dus jullie zullen het met de foto’s moeten doen.

We zijn vanuit Cambodja per boot en bus door de Mekong Delta gereisd (het uiterste zuiden). Van daaruit naar Saigon en vervolgens naar Dalat gereden per bus. In Dalat, ook wel de kitsch-hoofdstad van Vietnam, inclusief verlichte Eiffeltoren, hebben we voornamelijk actief gedaan. Een trekking, fietsen en niet te vergeten een flitsend oud en nieuw. Dat laatste niet dus; om half tien was alles dicht. We konden nog net tot half een wakker blijven.

Vanuit Dalat is Lernard samen met een Canadees en een gids naar Nah Trang (aan de kust) gefietst. Ik erachteraan in het volgbusje samen met de uitsluitend Vietnamees sprekende chauffeur (en zijn Vietnamese housemuziek). Wat uiteindelijk resulteerde in een cursus Vietnamees; ik met mijn Engels-Vietnamees boek en hij met zijn Vietnamees-Engels boek. Ik spreek nu toch zeker wel vijf woorden Vietnamees!
Nog een voorbeeld van Vietnamese kitsch: bij het achteruit rijden klonk het melodietje: “It’s a small world after all”. Bijna alle auto’s lijken zo’n muziekje te hebben. Een andere veel gehoorde variant: “Santa Claus is coming to town.” Maar dat zal wel aan het seizoen gelegen hebben. Het was een mooie tocht, voornamelijk bergafwaarts (een deel zelfs 30 km achter elkaar).

Vanaf Nah Trang zijn we met de trein naar Tuy Hoa gegaan. Een klein kustplaatsje, met een mooi strand en geen toerist te bekennen. Het was nogal slecht weer, dus na uitgewaaid en -geregend te zijn in het plaatselijke cafe terecht gekomen, aangezien er geen verdere activiteiten waren (vandaar waarschijnlijk het gebrek aan toeristen). Na twee slokken bier zaten er drie Vietnamezen aan tafel, lichtelijk beschonken en zooo blij dat we hun dorp kwamen bezoeken. Ze zouden ons wel inwijden in het Vietnamees drinken, oftewel “tram phan tram”, oftewel “100%”, oftewel “buttoms up”. Na een paar biertjes en nog meer schouderklopjes werden we uitgenodigd voor een sessie karaoke. We hebben het nog proberen af te slaan, maar het wilde er niet in dat we eigenlijk niet zo van karaoke hielden: “But you can also sing in English!” Dus ons uiteindelijk maar overgegeven. We kwamen terecht in een VIP-karaoke kamer met zeven personen. Inclusief een eigen ober die onze glazen bier maar bij bleef schenken (bier met ijs trouwens). Wij mochten als eerste een nummer uitzoeken (gelukkig inderdaad in het Engels). Joepie! Na het eerste nummer samen gezongen te hebben, had Lernard de smaak te pakken en gaf hij nog drie solo-optredens weg. Vals! Maar wel met hart en ziel, zullen we maar zeggen. (het filmpje stoppen we maar ver weg in een kluis, ofzo) Ondertussen ging het “tram phan tram” maar door en besloot ik maar 50% te gaan roepen. Zonder succes, want om half vijf (’s middags!), toen de laatste Vietnamees zijn nummer had gezongen, was ik als een balletje…. Lernard kon het Vietnamees drinkgeweld iets beter aan en heeft na afloop zelfs nog een potje gevoetbald met de plaatselijke jeugd.

Hierna met de trein via Quy Nhon (waar we twee nachten zijn gebleven en waar we om vijf uur gewekt werden door de radiozender “Voice of Vietnam” die door de luidsprekers op straat schalde) naar Hoi An gereisd. De trein is een zeer relaxt vervoermiddel: mooi uitzicht op rijstvelden, bergen, de zee en veel praatjes met de Vietnamezen. We zijn dan ook van plan om met de trein, in verschillende etappes, naar het noorden af te reizen.

Hoi An is een van de weinige plekken in Vietnam die niet is vernietigd door de Amerikaanse bommen. Er hangt een heel leuk sfeertje en is erg aantrekkelijk om te zien met alle Chinese, Japanse en Franse invloeden.
Voornamelijk cultureel gedaan en natuurlijk lekker gegeten, want net zoals de rest van Vietnam, is het eten super! We zijn zelfs nog een dagje naar het strand geweest. Waarschijnlijk voorlopig de laatste keer, want in het noorden zal het een stuk koeler zijn.

Ik heb trouwens een nieuwe hobby: vroeg opstaan (en dan bedoel ik om zes uur al op straat lopend)! Aardig bizar voor dit alles behalve ochtendmens…. Maar er is ’s ochtends vroeg zoveel te zien overal op straat: Mensen die Tai Chi beoefenen, allerlei andere sportende mensen, de markt die in volle bedrijvigheid is en alle ontbijtkraampjes die opgezet worden, waardoor ik een heerlijk vers ontbijtje bij elkaar kan sprokkelen.

En nog een laatste blije mededeling: We zijn de 100 dagen gepasseerd en zijn elkaar nog steeds niet zat! Weer een mijlpaal in ons leven! (M)

januari 6, 2008

Vervolg Vietnam

Rubriek: Vietnam — Marije @ 10:33 am

Om een of andere reden is ons stuk over de eerste drie weken in Vietnam spoorloos verdwenen….BOEHOE!!!! Hopelijk vinden we dit nog terug, maar in ieder geval (anders wordt het wel erg laat):

EEN GELUKKIG 2008 VOOR IEDEREEN!!!

(L&M)

januari 1, 2008

Lernard en Marije in Saigon, Vietnam

Rubriek: Vietnam — Manieu @ 11:20 pm

Eindelijk een filmpje op de website van Lernard en Marije. We hopen natuurlijk allemaal nog dat we te zien krijgen hoe Marije een heerlijke vogelspin afkluift voor de camera, maar eerst proberen ze over te steken in Saigon :) .

Allemaal nog een gelukkig nieuwjaar !!!!

Groeten van Maarten!

december 27, 2007

Kerst in Saigon

Rubriek: Vietnam — Marije @ 3:29 pm

img_2935.jpg

We hadden wel gehoord dat ze in Saigon (Ho Chi Min City) kerst vieren, maar hier waren we niet op voorbereid! Overal kleine kinderen in kerstkostuum en regelmatig een volwassen kerstman achterop een brommer. Het hele centrum was behangen met lichtjes, het liefst knipperend en in alle kleuren van de regenboog. Overal enorme kerstbomen en een warenhuis was zelfs helemaal bekleed met nep-ijs. Kerstliederen knalden overal op straat uit de boxen. Alle jongeren (en dat is ongeveer 80 procent van de bevolking) trokken er met hun brommer op uit om in het centrum rond te rijden, rond te hangen en bier te drinken. Voornamelijk kerstavond bleek DE feestavond te zijn. Volgens Lernard had het wel wat weg van koninginnedag, alleen dan zonder oranje, of zoiets.

Vanwege de kerst vonden we dat we alles mochten eten en drinken waar we zin in hadden, net als thuis… Dus we hebben onder andere het volgende gegeten en gedronken; ijs, heel veel andere Vietnamese zoete dingen, eh…Kentucky Fried Chicken, cappuccino, ijskoffie, espresso, hazelnootkoffie, moccaccino (nee, we hadden helemaal geen zin in koffie), noodlesoep (ter compensatie van al het bovenstaande), bier en wijn uit Vietnam (ja, we moeten wel een beetje cultureel verantwoord blijven natuurlijk). En nog veeeel meer. Dus nu voelen we ons vol gegeten, net als thuis…

We hadden speciaal voor de kerst een luxe hotel geboekt, waar we, omdat de gereserveerde kamer per ongeluk vergeven was, een suite kregen(erg vervelend) met filmchannel. We hebben zelfs “Home Alone” gekeken, net als thuis…

We konden er dus niet onderuit, we hadden een echt kerstgevoel, net als thuis…alleen dan anders (of zoals de gevleugelde uitspraak hier, als je wat anders krijgt dan je eigenlijk besteld had: Same, same, but different).

De foto’s in het fotoalbum van het kerstfestijn volgen later, want ons broertje/ zwager/ webmaster is op welverdiende vakantie! (M)

december 23, 2007

Fijne feestdagen voor iedereen vanuit Saigon!!!!

Rubriek: Vietnam, Algemeen — Marije @ 1:07 pm

december 18, 2007

Cambodja

Rubriek: Cambodja — Marije @ 4:49 pm

We vertrekken morgen naar Vietnam. Dit is vroeger dan de bedoeling was, vanwege een klein misverstand met het visum door een behoorlijke taalbarriere met de ambassade-medewerker. De begindatum staat op gisteren… Aangezien het visum maar een maand geldig is en we heel veel plannen hebben, vertrekken we morgen per boot en bus richting Saigon, wat door de vele stops die we onderweg gepland hebben drie dagen gaat duren. Hier op het nippertje nog wat indrukken van Cambodja.

Erg vriendelijke mensen, we hebben regelmatig praatjes als we even ergens gaan zitten of op straat lopen. Meestal gewoon om het praatje in plaats van met een achterliggende reden (we zijn een beetje achterdochtig geworden, blijkbaar). Veel gestelde vraag: “Hoeveel kinderen hebben jullie?” “Eh, geen.” “Geen? Hoe oud zijn jullie dan?” En als we daar dan antwoord op geven, volgt een verbaasd gezicht. We zijn nogal oud waarschijnlijk.

Er hangt een heel relaxt sfeertje, al heeft dat in de wijk in Phnom Penh waar we nu verblijven waarschijnlijk te maken met de hoeveelheid drugs die hier ingenomen wordt… Zeer regelmatig wordt er aan Lernard gevraagd: “Sir, would you like to smoke marihuana, hasj, opium?” Waarschijnlijk zie ik er niet zo drugsgebruikerig uit. We zeggen trouwens nee… Voor het geval de ouders zich al ongerust gaan maken. Ook wordt hier in veel cafe’s absinth verkocht. Trouwens nog geen drankjes met een schorpioen in de fles gezien, schijnt hier namelijk ook verkocht te worden.

Het voelt soms alsof je door een Franse stad loopt, door de gebouwen uit de Franse koloniale tijd en nieuwe gebouwen die vaak nog steeds in die stijl gebouwd worden. De oudere Cambodjanen spreken allemaal vloeiend frans. Overal worden stokbroden op straat gekocht, in de bakkerijen echte croissants en pain au chocolat. Ook veel Franse brasseries en Khmer (Cambodjaans) eten met Franse invloeden. Grappig hoe alles door elkaar loopt. Stokbroden in de ene hand en in de andere een zakje met vogelspinnen. De meest bizarre dingen eten ze hier namelijk; vogelspinnen dus, maar ook allerlei andere insecten en alle onderdelen van zo’n beetje elk beest (ook kat en hond). We zijn nog niet zo dapper geweest om een insectje te proberen… Wel kopen we elke dag fruit bij kraampjes en we hebben ons als doel gesteld elke keer wat nieuws te proberen. Voelen we ons toch nog een beetje dapper. Het is in ieder geval een erg leuke bezigheid om zomaar een beetje op de markt rond te lopen.

Overal zie je verminkte mensen ten gevolge van de landmijnen. Missende armen, benen, ogen, delen van gezicht. Behoorlijk confronterend soms. Veel van hen bedelen, omdat dit voorheen de enige bron van inkomsten was, aangezien er geen steun vanuit de overheid was. Nu zijn er veel organistaties die hen aan het werk helpen met dat wat ze nog kunnen. Je ziet bijvoorbeeld veel groepjes straatmuzikanten die traditionele muziek spelen en CD’s verkopen. Overal zijn nog tekenen te zien die aan de “Rode Khmer” tijd herinneren. Natuurlijk de Killing Fields en het Gevangenismuseum, wat erg heftig was. Ongelooflijk wat er toen gebeurd is en hoeveel kinderen, vrouwen en mannen er toen vermoord zijn. Maar ook op straat, de verminkte mensen, de vernietigde tempels en er wordt regelmatig over gesproken. Bijvoorbeeld onze tuk-tuk chauffeur in Phnom Penh vertelde dat een groot deel van zijn familie in die tijd is vermoord. Hoe moet je daar op reageren? Het is opvallend hoe positief iedereen toch lijkt te zijn en waarschijnlijk ontwikkeld het land zich daarom ontzettend snel. Vier jaar geleden bestond het land bijvoorbeeld nog voornamelijk uit zandwegen en nu zijn deze voor een groot deel vervangen door asfaltwegen, waardoor het toerisme zich steeds meer ontwikkeld.

Overal waar we komen, lijken we continue dezelfde vraag te krijgen: “Sir/ Miss, would you like tuk-tuk/motorbike?” Waardoor het lijkt dat wij bijna altijd “No, thank you!” zeggen. En bij elke toeristische buurt/ attractie barst het van de kleine straatventertjes, die vaak ontzettend brutaal zijn! Ze verkopen meestal gekopieerde boeken, armbandjes, kleine instrumentjes of andere frutsels. Je moet soms erg volhardend zijn om van ze af te komen en we zouden ze soms best een flinke knal willen geven! We hebben een restauranteigenaar de tuinslang op een groepje zien zetten, toen die zijn restaurant niet wilden verlaten….

Oversteken in Phnom Penh is een hele belevenis. Vandaag ben ik een hele brede straat in een soepele beweging overgestoken. Ik was zeer trots op mijzelf. Ik heb me laten vertellen dat de truc is om gewoon met dezelfde snelheid over te steken. Vandaag pas voor het eerst gelukt, dus dat belooft nog wat in Saigon, waar het nog tien keer erger schijnt te zijn…

Cambodja was een erg leuke ervaring en we hebben bedacht dat we maar terug moeten komen, nu we hier eerder moeten vertrekken. Vonden we wel een goede reden. (M)

P.s. Ik heb ook wel eens wat anders aan dan mijn groene shirtje… Het viel me namelijk op dat op bijna elke foto waarop ik sta, ik dat shirtje draag,  haha.

december 12, 2007

Angkor Wat

Rubriek: Cambodja — Marije @ 11:10 am

We hebben drie dagen besteed om het Angkor-complex te verkennen. Echt enorm (400 vierkante km)! Behalve het zevende wereldwonder Angkor Wat, zijn er nog tientallen andere tempels in de jungle en tussen de rijstvelden en in drie dagen hebben we nog lang niet alles gezien, best bizar. We kunnen hier natuurlijk lyrisch gaan worden, maar de foto’s in het fotoalbum spreken eigenlijk voor zich! (L&M)

december 10, 2007

Reis Thailand-Cambodja

Rubriek: Cambodja — Marije @ 11:27 am

Donderdag 6 december zijn we naar Siem Reap (Cambodja, vlakbij Angkor Wat) afgereisd en dit was weer een hele belevenis.

We zouden om tien voor acht ’s ochtends vertrekken, maar om vijf over acht was er nog geen minibus, dus Marije werd al een beetje zenuwachtig. Zij had namelijk deze keer de trip geregeld. Na met het reisbureau gebeld te hebben, werd ons verteld dat de minibus er over vijftien minuten zou zijn. Dit gaf Lernard mooi nog even de tijd om een lekker bakje koffie te gaan halen, dacht hij. De taxi kwam natuurlijk toen hij net weg was. Toen we hem gevonden hadden, konden we op weg naar de ferry.

Nadat we met de ferry weer op het vaste land aangekomen waren, hadden we na een kwartier al onze eerste stop. Hier bleek een kantoortje van de organisatie van onze mini-bus te zitten. Hier moesten we gelijk onze visa-aanvragen regelen, want bij de grens zou het veel langer duren als we het zelf zouden regelen en dan zouden we onze medereizigers laten wachten. Dit natuurlijk wel voor een vriendenprijsje: 35 dollar in plaats van de 20 dollar die je normaal gesproken betaalt. Eigenwijs als we zijn, dachten wij het wel zelf te gaan regelen aan de grens.

Niet dus, want na ongeveer drie uur gereden te hebben, werd er netjes bij een pinautomaat gestopt voor de mensen die geen baht hadden om voor de “visa-service” te betalen. Na toch nog even tegengas te hebben gegeven, hebben we toch maar gepind aangezien we er toch echt niet onderuit leken te gaan komen. Vervolgens werden we voor de lunch naar een restaurant gereden dat ook van de “visa-maffia” was. Hier moesten we betalen en onze paspoorten afgeven, zodat ze de visa konden gaan regelen. Ondertussen probeerden ze het zo te draaien dat we ze dankbaar moesten zijn voor wat ze allemaal voor ons regelden.

Toen we bij de grens aankwamen werden we netjes overgeleverd aan het volgende lid van de organisatie. Deze man was zo enthousiast en lachte zoveel dat hij bij ons al gelijk argwaan wekte. Hij had allemaal goede adviezen voor ons, waaronder veel geld pinnen voor in Cambodja, omdat je daar niet kan pinnen. Verder vertelde hij ons dat we na de grens het geld dat we pinden beter konden wisselen voor cambodjaans geld (riel). Dit geloofden we al helemaal niet, omdat een medereiziger in Nepal ons had verteld dat je alles in dollars kan betalen en dat dit veel voordeliger is. Bij de grens aangekomen bleek dat we daar inderdaad zelf geen visa konden regelen. Dit om de simpele reden dat de douanebeambten het extra geld ook wel lekker vonden en dus helemaal geen visa meer aan toeristen verstrekten. Na de gebruikelijke grensformaliteiten kwamen we dan in Cambodja aan.

Vlak na de grens moesten we wachten op een bus die ons naar het busstation zou brengen…. Na ongeveer een half uur kwam de eerste bus en vertrokken we naar het busstation, dachten we. We stopten alleen nog even ergens waar we ons geld konden wisselen. Wij vertrouwden het voor geen meter, zeker niet nadat Lernard zag dat de geldwisselaar een hele dikke diamanten ring droeg. Wij wisselden maar 1000 baht (20 euro), terwijl de visa-gangster ons nog steeds probeerde te overtuigen dat we veel meer moesten wisselen. Naderhand bleek dat de geldwisselaar ongeveer een commissie van 35% rekende. En dan te bedenken dat er mensen bij waren die voor honderden euro’s geld wisselden.

Hierna veranderde onze “reisleider” in een zesde-rangs acteur. Hij kwam namelijk met de volgende slechte tekst: “Nou, het is echt niet mijn geluksdag, zeg. Nu hoor ik net dat de bus onderweg kapot is gegaan, dus nu moet ik voor jullie allemaal een taxi betalen”. Hierbij keek hij heel zielig. Deze acteerprestatie werd nog ongeloofwaardiger toen bleek dat de taxicentrale precies een deur verderop zat en er maar tien mensen bleken te zijn voor de “luxe tourbus”. Wij vonden het ondertussen allemaal wel best en zijn in de eerste de beste taxi gestapt. Voor we weg wilden rijden kwam onze reisleider ons nog even gedag zeggen en om een fooitje vragen. Na hem vriendelijk in zijn gezicht te hebben uitgelachen, vertrok de taxi.

Onze taxichauffeur wilde waarschijnlijk graag voor het donker thuis zijn, want hij reed als een gek over de hobbelige zandweg. Verschillende keren reed hij met een klap in een grote kuil, waar hij zichzelf waarschijnlijk mee liet schrikken, want dan maakte hij een luid sissend geluid. De laatste klap werd de auto bijna fataal, want op het dashboard begonnen er allerlei lichtjes te branden en een angstaanjagend tingeltje ging af. Volgens een van onze twee Amerikaanse reisgenoten, rook de auto na de klap naar gebakken bacon…. Maar goed, het mocht de pret niet drukken, want de chauffeur reed gewoon door met hetzelfde enthousiasme. Dit met af en toe wat gesis van zijn kant, de brandende lichtjes en het tingeltje. De eerder genoemde reisgenoten hadden trouwens een of andere parasiet opgelopen in Afrika en hadden het allebei niet erg breed. Ze werden naar mate de reis vorderde bleker en bleker. Onderweg zijn we nog gestopt voor een nodige sanitaire stop en het avondeten dat we bij dezelfde gelegenheid haalden: chocolade koekjes en chips. Het toilet was vergeven van de sprinkhanen, die Marije al hangende boven het sta-toilet van zich af moest slaan. Tijdens de verdere rit ontdekte ze er nog een aantal tussen haar kleding, waardoor ze de verdere avond jeuk had ten gevolge van denkbeeldige beestjes. Uiteindelijk kwamen we dan in de buurt van Siem Reap (gelukkig reed de auto nog!) en alles leek te veranderen. Ineens was er een geasfalteerde weg en overal langs de weg verschenen er 5-sterren hotels, resorts en….pinautomaten. Ergens buiten de stad stopte de taxi en werden we overgeladen in tuk-tuk’s (motorfietstaxi’s). We werden al weer ongerust waar we in hemelsnaam naartoe gebracht zouden gaan worden, maar wonderbaarlijk genoeg kwamen we uiteindelijk bij een prima guesthouse uit. Waar we na onze 12-urige reis gelijk ons bedje in rolden.(L&M)