juni 30, 2008

Pangkor en daaag Joleen

Rubriek: Maleisie — Marije @ 10:21 am

Kuala Lumpur

De laatste dagen met Joleen hebben we besteed op het eiland Pangkor, het eiland der roze taxi’s. Het enige vervoermiddel: roze taxibusjes, dus. In het weekend was het aardig vol met Maleisische toeristen. Op zaterdagavond was er zelfs een karaokeavond aan de gang, die we dit keer maar afgeslagen hebben. Zondag werd het al veel rustiger en vanaf maandag was het zo goed als uitgestorven. In ons “resort” waren we samen met een ander huisje de enigen. Bijna alle winkels en restaurantjes waren dicht, dus ons lot was relaxen. En aangezien we te lui waren om iets actiefs te ondernemen, hebben we dat ook maar niet gedaan.

De bevolking/ toeristen waren overwegend islamitisch. We verwonderden ons over hoe de dames van top tot teen gekleed, inclusief hoofddoek, de zee in gingen. Zij verwonderden zich waarschijnlijk over onze bijna naakte lichamen. Wij waren ons er in ieder geval erg bewust van. We hebben een wat meer afgelegen strand gevonden, waar we ons wat meer op ons gemak voelden in onze bikini.
We hebben nog een poging gedaan om te snorkelen. We dachten: kom laten we in actie komen. Dit was niet zo’n succes, want zelfs onze vooruit gestoken hand konden we niet zien. Weer een reden om tevreden naar ons handdoekje terug te keren.
Wat hebben we verder zoal gedaan? (behalve zonnen, zwemmen en diepzinnige gesprekken voeren)

  • Bananenfritters (bananen in een deeglaagje, gefrituurd) en Nasi Goreng gegeten.
  • Hornbills (hoornvogels) gespot. Stonden nog op ons verlanglijstje, dus joehoe!
  • Geprobeerd aapjes weg te jagen die onze etensresten kwamen stelen. Zonder succes. Maar een geluk bij een ongeluk: Lernards zijn hele vieze chipjes waren ook gelijk weg. Beschrijving van Lernard: Een zoete kaassmaak met een sponzige structuur… Een van de aapjes leek ze toch erg lekker te vonden. Hij propte zijn wangen vol en liep daarna op twee benen, met zijn handjes gevuld met sponzige chips, hard weg.
  • Films gekeken, want we hadden filmchannel, ja ja. Onder andere “The horse whisperer” gezien. Voor Lernard een reden om maar even te vluchten.
  • Lernard heeft ’s nachts Nederland - Rusland gekeken, wat goed was voor een paar uur slecht humeur…

Na al het relaxen was het tijd om terug te gaan naar Kuala Lumpur, want dezelfde avond moest Joleen alweer terug vliegen!
We hebben de maand met ons drieën afgesloten met souvenirshoppen, een massage en een diner bij het eettentje op straat waar we de allereerste avond gegeten hebben. Het cirkeltje was weer rond, of zoiets.
En toen…moesten we na een supermaand aan het einde van de avond dan toch afscheid nemen…daaaaag Joleen!

Ondertussen zijn we in Bangkok aangekomen, onze tussenstop…voordat we vanavond naar Istanbul vliegen!
Ja, het is waar, we gaan een paar weken eerder thuis komen. De vlucht is net geboekt…15 juli komen we in Dusseldorf aan, dus wees gewaarschuwd, Lernard en Marije komen eraan!! L&M

P.s. Lernard zijn vriend, Willem Worm, is stervende. Er was een enkel wormpje dat maar stand hield, dus verdiende hij een naam, vonden we.

juni 20, 2008

Midden in de rimboe

Rubriek: Maleisie — Marije @ 11:12 am

Onze jungle-week op Borneo begon in het Bako Nationaal Park. In de bus op weg naar het park miste een dame haar plaats van bestemming, doordat ze vergat het knopje in te drukken. Ze gaf een brul naar de chauffeur, die zoiets zei als: “Je moet voortaan wel op het knopje drukken!” Dit deed ze dan maar alsnog, waarop de chauffeur hard moest lachen, de bus stopte en achteruit reed (op een tweebaansweg!) tot de plaats waar ze er oorspronkelijk uit wilde! Desondanks zijn we veilig aangekomen in het Bako NP en hebben we zelf verschillende uitgezette wandelingen door het regenwoud gelopen. Alvast een goede oefening voor de aankomende trekking. We konden op ons eigen tempo lopen, wat wel nodig was, want na vijf minuten ging de kraan bij ons open om niet meer te stoppen. Zweten!!

We hebben veel wilde dieren gezien. Onder andere apen met grote neuzen (probiscusapen) en zwijnen met baarden (eh…baardzwijnen). We hebben geen krokodillen gezien, maar wel bordjes met: “Pas op: zoutwaterkrokodillen!”. Dus wat scheelt het?

Ons tropengevoel is nu helemaal compleet, want voordat we naar het volgende nationale park vertrokken is Lernard nog even naar de dokter geweest. De rode bultjes kregen namelijk staartjes, wat gangetjes bleken te zijn…van wormpjes. Haakwormen, niet gevaarlijk, alleen irritant. Normaal gesproken meestal voorkomend op voetzolen, want daarmee komen de wormpjes het meest in aanraking, maar bij Lernard dus op zijn billen (en rug en arm). En nee, we zijn geen nudisten geworden. Maar ze lijken nu echt uitgeroeid te zijn, dankzij een wormenkuur en antibioticazalf.

Voor de vlucht naar Miri (vanwaar we naar het Gunung Mulu Nationale Park zouden vliegen) waren we helemaal goed voorbereid, dachten we. De tassen mochten maar 15 kilogram wegen en door tactisch inpakken, hoefden we maar een beetje bij te betalen. Wij blij, maar bij de controle van de handbagage bleek Lernard de eerstehulpkit nog in zijn rugzak te hebben, met verbandschaar en dat mag dus niet. Nou, ja, dan die schaar maar weggooien, dachten we. Nee, dat mocht niet van de beambte, want daar was de schaar veel te duur voor. Ja, maar het is onze schaar en wij willen hem weggooien. Nee, het enige alternatief, volgens haar, was het inchecken van zijn handbagage. Het was inmiddels “boardingtime”, dus maakten we de afspraak dat Joleen en ik alvast de naar de gate zouden gaan en we Lernard in het vliegtuig zouden zien. Maar bij de gate aangekomen, bleek het gatenummer verandert te zijn. Toen begonnen de zenuwen. “Dat zal Lernard toch ook wel in de gaten hebben?” Toen we in het vliegtuig zaten, konden we precies zien wie er door de slurf kwam aanlopen. Geen Lernard…. Ondertussen waren we al aan het brainstormen hoe we het vliegtuig konden laten wachten of hoe het nu moest als hij het vliegtuig zou missen. Maar daar kwam hij, toch nog op tijd, met dikke boete voor de extra bagage (toch zeker wel tien nieuwe verbandscharen), maar dat maakte ons al lang niet meer uit, we waren veel te blij dat hij er was!
Ons plan in het Gunung Mulu NP was om eerst de trekking naar de “Pinnacles” te doen. Puntige rotsen van kalksteen op een berg van 1200 meter hoog. Om in het kamp te komen waar we onze gids zouden ontmoeten, moesten we vanaf het hoofdkwartier van het park (waar we alleen heen konden vliegen) een uur met een bootje en daarna nog drie uur lopen door het regenwoud. Dus we voelden ons wel aardig midden in de rimboe.
Het kamp had een erg mooie ligging met uitzicht op hoge rotswanden en vlak naast een riviertje waar gezwommen kon worden. Er was een keuken waar we ons zelf meegebrachte eten konden klaarmaken (instant noodles, noodles en noodles) en een slaapzaal waar we met negen anderen sliepen op matjes en onder onze klamboes. Wat geen overbodige luxe was, want de muren waren ongeveer twee meter hoog, maar het plafond een meter of drie en er waren geen deuren, waardoor er onder andere vleermuizen ’s avonds boven onze hoofden langs suisden.
De volgende ochtend begonnen we na een ontbijt van noodles vol goede moed aan de trekking, die toch iets zwaarder bleek te zijn dan verwacht. De track was 2.4 kilometer lang, maar er moest 1100 meter geklommen worden. Dit hield in dat de eerste twee kilometer bestond uit klimmen over rotsen en boomwortels onder een hoek van 70 graden. Hier deden we drie uur over. Joleen deed het supergoed, maar besloot hier toch af te haken, want het werd haar iets te spannend; de laatste 400 meter ging namelijk onder een hoek van bijna 90 graden omhoog en moest beklommen worden met behulp van touwen en ladders. Terwijl zij op haar eigen tempo naar beneden liep/ klauterde, gingen wij verder omhoog, tot we na in totaal vier uur de Pinnacles hadden bereikt! Een heel mooi uitzicht en een soort kleine marmotjes die zich om ons heen verzamelden in de hoop op eten, zorgden ervoor dat het zeker de moeite waard was. 4,5 uur later, want de weg naar beneden leek zo mogelijk nog moeilijker, beneden aangekomen, zat Joleen op ons te wachten. Ontzettend blij om haar weer ongeschonden terug te zien, zijn we met z’n drieën, met kleding en al, de rivier ingesprongen. Na een hoognodige douche en onze kant en klare noodles, lagen we om 19.30 uur moe, voldaan en alle drie best trots op ons zelf onder onze klamboes. Waar we de eerste tekenen van ernstige spierpijn al voelden aankomen.

De volgende ochtend na onze….noodles zijn we door de jungle terug gelopen naar de plek waar de boot ons zou ophalen om ons terug te brengen naar het hoofdkwartier. Lernard liep voorop met de zware bepakking en wij liepen er met onze kleine rugzakjes, nog net niet strompelend, achteraan. Tja, toch wel duidelijk wie de echte bikkel is…

Onderweg kwamen we een enkele persoon tegen, een Maleisische man. We dachten dat Lernard ging vragen of hij wist of de boot er al was, maar in plaats daarvan vroeg hij of hij wist wat Nederland tegen Frankrijk had gedaan. En…de man wist de uitslag en kon zelfs vertellen dat Van Persie gescoord had…. De rest van de dag slapend, relaxend en klagend over spierpijn (Joleen en ik, dan) doorgebracht.

De laatste dag hebben we twee grotten bezocht, waaronder de Deer Cave. Een grot met de grootste hal ter wereld. En die was inderdaad GROOT! Onwerkelijk groot en gevuld met drie miljoen vleermuizen, die allemaal poepen, dus guano overal. Niet alleen op de grond, maar ook op ons hoofd, kleding, enzovoorts. En stinken!
We hadden een wat slaapverwekkende gids. Hij praatte ongeveer zo: ” This cave is eh…well…maybe…eh…you know…eh…yes…special.” Of zoals een Vlaamse toerist mij vertelde: ” Dit is niet zomaar een grotje, dit is de vetste grot die ik ooit gezien heb!” En daar konden we ons alleen maar bij aansluiten. Maar het beste deel kwam nog. Tijdens zonsondergang vlogen de drie miljoen vleermuizen de grot uit om eten te zoeken. Eerst een paar grote groepen, maar daarna als een grote streng van vleermuizen!! Een super afsluiting van ons bezoek aan Gunung Mulu!

Ondertussen zijn we weer terug in de bewoonde wereld. In Miri heeft Lernard ’s nachts nog Nederland - Roemenie kunnen kijken (ze zijn hier trouwens, grappig genoeg, helemaal met het EK bezig). Gisteren zijn we op Penang aangekomen, een eiland ten westen van het schiereiland Maleisie, voor wat culturele bezigheden en morgen vertrekken we richting een ander eilandje om een paar dagen te relaxen op het strand. En dan, boehoe, is het de 25e alweer tijd om Joleen terug te brengen naar Kuala Lumpur voor haar vlucht terug. Maar daar denken we nog maar even niet aan… J&L&M

juni 9, 2008

In Maleisie met Joleen

Rubriek: Maleisie — Marije @ 5:14 pm

Twee juni hebben we Joleen opgehaald! Zo leuk en vreemd om haar hoofd opeens tussen de arriverende mensen op het vliegveld te zien. In Kuala Lumpur! Ze was erg opgelucht dat zij, haar bagage en wij aangekomen waren. (En wij natuurlijk ook) Onderweg naar het hotel hebben we gelijk wat Maleisische woorden geleerd van de taxichauffeur. Die we nu natuurlijk in praktijk moeten brengen, wat nog niet erg lukt, omdat iedereen hier zo goed Engels spreekt.
De verdere dag hebben we voornamelijk gerelaxt: geslapen, gegeten, gelezen en natuurlijk bijgepraat. Joleen moest bijkomen van de jetlag en wij van het ophalen, want klein detail… het vliegveld van Kuala Lumpur ligt 75 kilometer buiten de stad… En Joleen kwam om zes uur aan, wat betekende dat wij om kwart voor drie moesten opstaan, poeh poeh, maar dat hadden we natuurlijk voor haar over.

Uiteraard zijn we op de Petronas torens geweest, want geen bezoek aan Kuala Lumpur kan zonder. Er zijn maar 1400 kaartjes per dag beschikbaar en we hebben dan ook twee uur in de rij gestaan om er drie te bemachtigen. Het bezoek zelf duurde welteverstaan twintig minuten: 15 minuten een promotiefilm van de oliemaatschappij Petronas en vervolgens wel vijf minuten op de brug tussen de twee torens. Maar toch een cool gevoel om het, ooit hoogste, gebouw bezocht te hebben. Nu de twee na hoogste, geloof ik. Nou ja, ze zijn in ieder geval hoog.

Van Kuala Lumpur zijn we naar Melaka gereisd. Een stad met allerlei invloeden, Nederlandse (zoals rijen grachtenpanden, alleen dan zonder gracht), Portugese, Chinese, Arabische en Indiase invloeden. Dit leverde bijzondere situaties op, zoals de keer dat we een Chinese boeddhistische tempel bekeken en ondertussen de oproep tot gebed van de moskee door de straten galmde. En het gaat allemaal vreedzaam samen.
Iedereen lijkt in te zijn voor een praatje. Elk busritje is al goed voor zeker een gesprek. Lernard en ik hadden steeds het gevoel van wanneer komt de “wil je een taxi/ hotel/ reisbureau en ik regel het wel”, maar het bleek toch steeds echt alleen om een praatje te gaan.
Wat ook erg opviel en niet zo’n klein beetje kitscherig was: de riksjas royaal versierd met kunstbloemen, lichtjes en met harde muziek. We hebben onder andere Michael Jackson en keiharde housemuziek gehoord, dus voor iedereen wat wils…
Ook hebben we het tot nu toe meest interessante museum bezocht: het jeugdorganisatie-geschiedenis museum (wij dachten namelijk het algemene geschiedenis museum) waar ze zeer interessante…eh…trofeebekers tentoonstelden. We hebben het museum dan ook in een record tempo bekeken.
Natuurlijk hebben we ook een massage genomen, een reflexologie voetmassage dit keer. Joleen d’r masseuse stopte tussendoor om een mondkapje voor te doen, vanwege de airco waarvan ze verkouden werd, zei ze…..
En om het af te maken hebben we nog een nachtmarkt bezocht, inclusief karaoke optredens. De meest hilarische show was met een zowaar aan te horen zanger en een ongeveer 75-jarige danser met glittergilet, cowboyhoed en heel bijzondere dansmoves. Hier was hij zo trots op dat hij deze onafgebroken liet zien…precies voor de zanger, zodat deze nauwelijks te zien was. En dan vergeten we natuurlijk een fototoestel mee te brengen…

We zijn er ook achter gekomen, na een doktersbezoekje, wat de, al bijna twee weken, jeukende bobbeltjes op Lernard zijn kont en mijn hele achterlichaam, zijn. Zandvliegen van het strand van Tioman. Dus lekker charmant aan het kontkrabben en wat anti-jeuk medicijnen er tegenaan gegooid. Voortaan toch maar een strandstoel.

We zijn alle drie nog aan het wennen aan het ontzettende warme en vochtige weer. Het schijnt dan 33 graden te zijn, maar voelt, volgens ons, aan als 43 graden. Het tempo ligt daarom niet al te hoog en we zijn lekker doorgezweten.
We zijn van plan om in Borneo een aardig zware trekking te gaan doen van een aantal dagen, dus hopelijk zijn we tegen die tijd een beetje geacclimatiseerd.
We zijn gisteren in Kuching, Borneo aangekomen met het vliegtuig vanuit Johro Bahru. Een ranzige stad waar de kapperszaken een dubbelleven schijnen te leiden als bordelen. Weer eens wat anders dan een massagesalon. Gelukkig maar een nachtje in een ook redelijk ranzig hotel doorgebracht, waar er paddestoelen in de badkamer groeiden!
Op Borneo hebben we ons eerste doel al behaald: we hebben orang oetans gezien! In een opvangcentrum voor wezen ten gevolge van stropen. Niet helemaal wild, maar semi-wild werden ze genoemd, maar daar doen we niet moeilijk over.

De komende anderhalve week zijn we in de jungle te vinden. Terug naar de natuur, enzo. Wordt vervolgd….! J&L&M

mei 31, 2008

Singapore, zonnen en zwemmen

Rubriek: Maleisie, Singapore — Manieu @ 11:41 am

Ondanks dat de stad/ het eiland/ land de naam heeft van een steriele zakenstad, hebben we ons prima vermaakt in Singapore. Er zijn inderdaad veel serieuze zakenmannen in pak met stropdas en het is erg georganiseerd en schoon, maar ook erg gastvrij en er zijn levendige buurten en veel gezellige eettentjes. Die dan wel weer gecontroleerd worden door de inspecteurs van de regering. Maar wat is er mis met hygiëne?

We vlogen met de budgetmaatschappij AirAsia van Bangkok naar Singapore en er werden geen plaatsen toegewezen in het vliegtuig. Het resultaat: geen nette rij, maar rennende en ellebogende mensen die een goed plekje wilden veroveren… Wonderbaarlijk genoeg hadden we prima plaatsen, op de smakkende en boerende “dame” achter ons na, dan. Dit hield ze de hele vlucht vol (ruim twee uur).

Bij aankomst kregen we gelijk een hint van de georganiseerdheid in Singapore. We moesten netjes in de rij staan voor een taxi, de taxichauffeur zette uit zichzelf de meter aan en helemaal bijzonder: toen de chauffeur de straat waar we moesten zijn niet gelijk kon vinden, zette hij de meter uit, want anders zou het te duur voor ons worden!

Het is ongelooflijk hoeveel winkelcentra ze hier hebben. Het lijkt erop dat shoppen hier hobby nummer 1 is. We hebben ons wat shoppen betreft maar ingehouden en in plaats daarvan allerlei nieuwe hapjes geprobeerd; van de overdekte eetparadijzen (gevuld met kraampjes) lijken er namelijk nog meer te zijn.

Ons laatste hostel lag in Little India (onze kleinste kamer ooit - zie bovenaan site), wat een leuke afwisseling was op het hectische centrum. Zoals de naam al zegt, wonen hier veel Indiase immigranten en heerst er ook een Indiaas sfeertje. Onder andere de winkels die sari’s verkopen en bij de zondagmarkt schalde de bollywood-muziek uit de boxen en slingerde er overal rommel rond. Wat een grote tegenstelling was tot de rest van de stad waar we geweest zijn. Geen afval te bekennen daar en vooral geen kauwgom, want het is illegaal om dit op straat te kauwen. Om de vijf meter staat een vuilnisbak, het rivierwater werd zelfs gezeefd door een speciaal bootje met een soort schepnet voorop en nergens spugende mensen te zien op straat, want ook dit is tegen de wet.

Er worden enorme boetes uitgedeeld. Bijvoorbeeld voor afval op straat gooien: 500 euro en voor eten en drinken in de metro: 250 euro! Met drugs moet je al helemaal niet aankomen. Drugsbezit: een lange gevangenisstraf en stokslagen en drugssmokkel: de doodstraf. Misschien dat alle strenge regels ervoor zorgen dat er bijna geen criminaliteit is. Al zullen de politieagenten overal, bewapend met machinegeweren, hier ook wel aan bijdragen…

We konden precies de openingsact van het Singapore Arts Festival meepikken. Een straattheatergroep die op de rivier een spectaculaire show gaf met vuur, vuurwerk en harde muziek. Een super gezicht in het donker met de wolkenkrabbers op de achtergrond en erg warm en krap, aangezien duizenden anderen ook graag zoveel mogelijk van de show wilden meekrijgen.

En we hebben eindelijk de doerian geprobeerd! (wilden we steeds, maar kwam er niet van) De “koning der vruchten” volgens veel Aziaten. Het is een vrucht ter grootte van een meloen met stekels aan de buitenkant en een heel apart luchtje. Op veel plaatsen is hij zelfs verboden om te eten vanwege deze lucht! Het fruit aan de binnenkant heeft een duidelijke gelijkenis met een….mannelijk geslachtsdeel. Waarschijnlijk verklaard dat ook waarom de doerian bekend staat als potentiemiddel. Een oud gezegde schijnt te zijn: “When the doerians go down, the sarongs go up! Ook kwamen we er achter dat dit dus het luchtje is wat we steeds niet thuis konden brengen in Azie… En voor ons is het trouwens niet “de koning”; een apart luchtje, maar ook een apart smaakje.

De laatste drie dagen hebben we op het strand doorgebracht van het eiland Tioman in Maleisie. We hadden een hutje met uitzicht op zee en we hebben voornamelijk gezwommen, gelezen, gesnorkeld, gegeten en geslapen. Ja, ja, we weten het, we hebben een erg vervelend leven. Eindelijk Lernard over kunnen halen om te gaan snorkelen en hij was vervolgens het water niet meer uit te krijgen!

Het strand lag gelijk aan de jungle en we kregen ook een beetje het Tarzan en Jane gevoel door alle beesten die langs kwamen. Apen, hagedissen (die 1.8 meter lang kunnen worden, maar zo lang waren die van ons gelukkig niet), heel veel vlinders, ’s avonds gigantische vleermuizen en in een gat onder aan de trap van onze hut woonde een slang, die af en toe zijn kop naar buiten stak, brrrr. En natuurlijk hadden we ook een kakkerlak in onze badkamer. Waar ik overigens nog steeds niet aan kan wennen, ik krijg de kriebels van die beesten!

Vandaag hebben we de “deluxe luxery” veerboot (zo werd het aangeprezen) genomen naar het vaste land en morgen gaan we naar Kuala Lumpur en dan… de volgende morgen heel vroeg (om 6 uur landt ze) Joleen ophalen!!! L&M